Aller au contenu
📢 Please bear with us !
De Kathedraal
De Kleine Kerk van abbé Julio
« Buigt maar breekt niet! »
BESTEL UW KIT
✦ BOUW UW KERK IN BOUWPAKKET — GRATIS · VRIJ · OPEN SOURCE ✦ ✦ BOUW UW KERK IN BOUWPAKKET ✦GRATIS · VRIJ · OPEN SOURCE

Aanmelden

Met uw lidgegevens van de Broederschap.

Wachtwoord vergeten of wijzigen

← Psalmen

Psalmen 36

De BijbelPsalmen › hoofdstuk 36

1Een psalm van David, den knecht des HEEREN, voor den opperzangmeester.

2De overtreding des goddelozen spreekt in het binnenste van mijn hart: Er is geen vreze Gods voor zijn ogen.

3Want hij vleit zichzelven in zijn ogen, als men zijn ongerechtigheid bevindt, die te haten is.

4De woorden zijns monds zijn onrecht en bedrog; hij laat na te verstaan tot weldoen.

5Hij bedenkt onrecht op zijn leger; hij stelt zich op een weg, die niet goed is; het kwaad verwerpt hij niet.

6O HEERE! Uw goedertierenheid is tot in de hemelen; Uw waarheid tot de bovenste wolken toe.

7Uw gerechtigheid is als de bergen Gods; Uw oordelen zijn een grote afgrond; HEERE! Gij behoudt mensen en beesten.

8Hoe dierbaar is Uw goedertierenheid, o God! Dies de mensenkinderen onder de schaduw Uwer vleugelen toevlucht nemen.

9Zij worden dronken van de vettigheid Uws huizes; en Gij drenkt hen uit de beek Uwer wellusten.

10Want bij U is de fontein des levens; in Uw licht zien wij het licht.

11Strek Uw goedertierenheid uit over degenen, die U kennen, en Uw gerechtigheid over de oprechten van hart.

12De voet der hovaardigen kome niet over mij, en de hand der goddelozen doe mij niet omzwerven. [ (Psalms 36:13) Aldaar zijn de werkers der ongerechtigheid gevallen; zij zijn nedergestoten, en kunnen niet weder opstaan. ]

Statenvertaling (1637) — Synode de Dordrecht. Bron : seven1m/open-bibles. Domaine public